Moeite met bidden? Deze zes stappen helpen je om te praten met God

Start | | |

Heb je moeite om te bidden? Want hoe werkt dat eigenlijk: bidden? Een vraag die regelmatig gesteld wordt. Soms zit er een gedachte achter dat men bang is ‘verkeerd’ te bidden. Maar wat is bidden nu eigenlijk? Eenvoudig gezegd is bidden gewoon praten met God, net zoals je met je beste vriend zou praten. Hij hoort je als je tegen Hem praat en Hij antwoordt ook. Hoewel, dat laatste vinden we vaak moeilijk want hoe doet Hij dat dan?

Bidden is tweerichtingsverkeer. Naast dat we spreken tot God, is het ook van belang om te luisteren. Hoe spreekt God dan? Hij spreekt tot je door de Bijbel of God geeft je gedachten. God kan ook door een lied tot je spreken, en Hij spreekt door andere christenen. Als je een gezond leven van gebed wilt ontwikkelen, moet je de discipline hebben om te luisteren. Hieronder staan zes stappen die je kunnen helpen om te praten met God.

1. Maak een keuze
Allereerst heeft het te maken met een keus. Wil je praten met God of niet? Geen enkele andere tip kan deze eerste keus beïnvloeden.

2. Maak je hoofd leeg
Als je dan gaat bidden, zorg er dan voor dat je pen en papier bij de hand hebt. Als er dan dingen in je gedachten komen van wat je nog moet doen of waar je mee bezig bent, schrijf die dan op. Op deze manier vergeet je ze niet en heb je jezelf geholpen je gedachten leeg te maken.

3. Maak een lijstje
Maak gelijktijdig voor jezelf een lijstje waarvoor je wilt bidden. Dat kan een gebedslijstje zijn, maar noem ook dankpunten.

4. Schrijf het op
Probeer ook eens helemaal stil te zijn en richt je op God. Houd pen en papier bij de hand. Komen er dingen in je op die je nog moet doen, schrijf deze op een blaadje. Komen er andere gedachten in je op, schrijf die op een ander blaadje. Misschien dat het God is die deze gedachten geeft.

5. Een gebedsagenda
Probeer ook eens moment van de dag met God praten, maar het helpt om ook een aparte tijd van gebed te hebben. Gebruik een gebedsagenda als een hulpmiddel om te bidden voor onderwerpen personen. Bijvoorbeeld op de ene dag bid je voor je familie, de andere dag voor je kerk enz. Gebruik een schrift als gebedsdagboek waar je de datum opschrijft en de onderwerpen en personen waarvoor je bidt en wat je voor hen bidt. De tijden dat je bidt voor die onderwerpen of personen houd je in dat gebedsdagboek bij. Kijk wat er gebeurt en vergeet niet de beantwoorde gebeden te vermelden en dank God daarvoor. 

6. Ontspan
De laatste tip maar wel heel belangrijk: ontspan! Leg jezelf verder geen druk op dat je een bepaalde tijdsduur moet bidden. Niets is zo frustrerend om dat bij jezelf te doen en dan te ontdekken dat het niet lukt. Het geeft niets als je de ene keer maar 5 minuten aan het bidden bent en een volgende keer weer langer. Ook geeft het niet als je een dag het even vergeet.Het gaat erom dat je praat met God en niet om het voldoen aan regels.

Waar kun je over praten?

Om je gebed wat balans en inhoud te geven is er een heel handig hulpmiddel. Je hebt dat hulpmiddel altijd bij je. Het is je eigen hand.

Je duim
Die gebruik je meestal om op te steken en tegen iemand zeggen dat hij goed of oké is. Dat mag je ook naar God toe doen. God is goed, Hij is geweldig. Maak Hem groot met je eigen woorden om wie Hij is of gebruik bijvoorbeeld de Psalmen daarbij (Psalm 8; Psalm 92:1-6).

Je wijsvinger
Die gebruik je meestal om naar anderen te wijzen, terwijl er op hetzelfde moment drie vingers naar jezelf wijzen (probeer maar). Dus begin maar bij jezelf om te kijken of er dingen zijn die tussen God en jou instaan en ruim die op. Vergeving heb je al ontvangen door het offer van Jezus. Paulus zegt hier veel over in Romeinen 5 t/m 8.

Je middelvinger
Als je je hand opsteekt dan is dat de langste vinger. Je mag overstromen van dank voor wat God allemaal voor jou heeft gedaan. Wat er ook speelt in je leven je kan altijd danken voor wat Jezus voor jou heeft gedaan (Psalm 105:1-5; 1Thessalonicenzen 5:18).

Je ringvinger
Daar zit vaak een ring aan die jou herinnerd aan anderen. Dus voorbede voor anderen. Gezin, familie, vrienden, gemeenteleden, buren, regering, collega’s en anderen (Efeziërs 6:18; 1Timotheüs 2:1-4).

Je pink
De kleinste vinger. Die staat voor voorbede voor jezelf. Vertel God wat jou bezighoudt. Vraag Hem om leiding en wijsheid bij alles wat je doet of wil gaan doen. Vertel Hem de wensen van je hart (Mattheüs 7:7-8; Filippenzen 4:6-7). Op deze manier is je gebed altijd in een balans en voorkom je dat het alleen maar een verlanglijstje is wat je opnoemt.

Zullen we doorpraten?

Heb je een vraag, wil je je verhaal kwijt of een goed gesprek? Vul dan onderstaand formulier in. Een van onze vrijwilligers neemt dan zo spoedig mogelijk contact met je op.

Enable javascript in your browser if this form does not load.

Wil je meer ontdekken?